Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Watervalweg 165
Status: voorontwerp
Plan identificatie: NL.IMRO.0233.BPwatervalweg165-0201

Artikel 6 Wonen

 

6.1 Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: 
  1. wonen;
  2. erven;
  3. tuinen;
  4. parkeervoorzieningen;
Onder de bestemming is mede begrepen beroepsuitoefening aan huis, met dien verstande dat niet meer dan 60m2 aan gebouwen bij wonen alsmede niet meer dan 30m2 aan gebouwen bij de specifieke bouwaanduiding 'kleine woning' binnen een afzonderlijk bestemmingsvlak voor de beroepsuitoefening aan huis  mag worden benut.

6.2 Bouwregels
Op en in de gronden als bedoeld in artikel 6 mogen uitsluitend worden gebouwd bouwwerken ten dienste van deze bestemming.

6.2.1 Hoofdgebouwen
Hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd mits:
  1. het aantal woningen per bestemmingsvlak niet meer dan 1 bedraagt; en
  2. de goothoogte niet meer dan 4 meter bedraagt; en
  3. de nokhoogte niet meer dan 8 meter bedraagt; en
  4. de inhoud niet meer dan 600 m³; bedraagt met dien verstande dat ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding "kleine woning" de inhoud niet meer mag bedragen dan 400m³

6.2.2 Aanbouwen, uitbouwen en bijgebouwen
Voor het bouwen van aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen gelden de volgende regels:
  1. de afstand van een aanbouw, uitbouw of bijgebouw tot de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mag niet minder dan 3 m bedragen, tenzij het betreft (hoek-)erkers over maximaal de halve breedte van het hoofdgebouw, waarvoor geldt dat deze zijn toegestaan tot een afstand van 1 m vóór de voorgevel van het hoofdgebouw;
  2. de afstand van een aanbouw, uitbouw of bijgebouw tot de zijdelingse perceelgrens mag niet minder dan 1 m bedragen, tenzij in de perceelsgrens wordt gebouwd;
  3. de gezamenlijke oppervlakte van aan-, uitbouwen en bijgebouwen bij een hoofdgebouw mag niet meer zijn dan 25% van de oppervlakte van het bij het hoofdgebouw behorende bouwperceel, met een maximum van 85 m²,  met dien verstande dat de oppervlakte niet meer dan 40 m² mag bedragen voor  gronden met de nadere specifieke bouwaanduiding  "kleine woning". Bij de berekening van de gezamenlijke oppervlakte van aan-, uit- en bijgebouwen worden meegerekend de gebouwen zoals bedoeld in artikel 4 lid 2.1
  4. de goothoogte van een aanbouw, uitbouw of bijgebouw mag niet meer dan 3 m bedragen;
  5. de bouwhoogte van een aanbouw, uitbouw of bijgebouw mag niet meer dan 5 m bedragen;
  6. de goothoogte van een vrijstaand bijgebouw mag niet meer dan 3 m bedragen;
  7. de bouwhoogte van een vrijstaand bijgebouw mag niet meer dan 5 m bedragen.

6.2.3 Andere Bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken geldt dat de bouwhoogte niet meer dan 2 m mag bedragen.

6.3 Specifieke gebruiksregels
 

6.3.1 Strijdig gebruik
Tot een met de bestemming strijdig gebruik als bedoeld in  artikel 9 lid 1 wordt in ieder geval verstaan het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor doeleinden van zelfstandige bewoning.

6.4 Ontheffing van de Bouwregels

6.4.1 Mantelzorg
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van:
  • de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;
  • het straat- en/of bebouwingsbeeld;
  • de verkeersveiligheid;
  • de woonsituatie;
  • de leefgebieden van dieren en planten en – voor zover van toepassing – de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden,
 
ontheffing te verlenen van het bepaalde in artikel 6 lid 2 voor:
 
  1. vergroting van de inhoud van een woning onder de volgende voorwaarden:
    1. de vergroting dient rechtstreeks verband te houden met inwoning uit hoofde van mantelzorg;
    2. de vergroting mag niet meer bedragen dan 125 m³, waarbij de woning na vergroting niet meer dan 725 m³ mag bedragen;
    3. de uiterlijke verschijningsvorm van de woning, bepaald door goothoogte, nokhoogte, nokrichting, dakvorm en dakhelling, alsmede de situering op het perceel, dient te worden gehandhaafd;
    4. voor zover de vergroting betrekking heeft op een vergroting van de onderbouw, mag de oppervlakte tussen de buitenwerkse muren met niet meer dan 10% van de bestaande oppervlakte worden vergroot;
    5. de vergroting mag niet leiden tot woningsplitsing;
    6. de woning dient in visueel opzicht de uitstraling van één woning te behouden.
  2. vergroting van de oppervlakte van een bijgebouw in het kader van mantelzorg onder de volgende voorwaarden:
    1. de vergroting dient rechtstreeks en noodzakelijk verband te houden met inwoning in de woning uit hoofde van mantelzorg;
    2. de oppervlakte van het te vergroten bijgebouw mag met niet meer dan 60 m² worden vergroot;
    3. de ontheffing blijft beperkt tot één bijgebouw per bestemmingsvlak dan wel bouwvlak voor zover op de plankaart aangegeven

6.4.2 Procedure
Bij gebruikmaking van de ontheffingsbevoegdheid zijn de in artikel 11 opgenomen procedureregels van toepassing.